Energiebesparing

Gepubliceerd op 19 april 2020 om 10:30

 

Heel wat ouders zijn de uitputting nabij. Het is niet niks om een hele dag paraat te staan voor kleine wezentjes die (in meer of mindere mate) afhankelijk zijn van jou. En zeker niet wanneer daar nog ontzettend veel  taken voor de betaalde job en het huishouden bovenop komen. Energieverlies aan dingen die niet werken is het laatste wat we nu nog kunnen gebruiken. Het is dus belangrijk dat wat we doen ook effect heeft en de ‘flow’ in het gezin versterkt. Dit kan aan hand van drie simpele ‘regels’.

 

1. Zorg voor duidelijkheid en voorspelbaarheid om een veilig kader te bieden

Door duidelijkheid en voorspelbaarheid te bieden vinden je kinderen rust. Kinderen die in een staat van rust zijn kunnen vredig alleen of samen spelen met broers en zussen. Wanneer iets onduidelijk is of onvoorspelbaar kan dit lijden tot zogenaamde arousal. Die opwinding zorgt ervoor dat er conflicten ontstaan, dwars gedrag zich aandient, je kind gaat zeuren, … Allemaal gedrag dat energie vreet. Om dit te voorkomen is het dus essentieel om te zorgen voor deze basiselementen van een veilige omgeving.

Concreet betekent duidelijkheid geven dat wat je zegt altijd waar is. Nee is nee en wordt nooit ja. Wanneer je je voortdurend laat ompraten of laat verleiden is de kans heel reëel dat je kind altijd zal proberen of deze ‘nee’ misschien ook een ‘ja’ kan worden. Wanneer je steeds bij je standpunt blijft hoeft je kind niet te zoeken naar die duidelijkheid en voorkom je dus heel wat ‘gedoe’. Duidelijkheid zit ook in je taal. Wees effectief en duidelijk in wat je wil en wat je niet wil, vanuit de eerste persoon. ‘Ik wil (niet)dat jij …. ‘ Weinig zogenaamde ruis, weinig ruimte voor misverstanden, doelgericht en duidelijk. Hoe duidelijker de leefregel wordt benoemd hoe minder je kind dingen moet uitproberen om te kijken wat je nu precies met die regel bedoelt.

Voorspelbaarheid zit zowel in de dagelijkse routine die altijd hetzelfde is (en idealiter visueel wordt gemaakt aan de hand van tekeningen of symbolen) als in jouw gedrag. Hoe meer je altijd hetzelfde kan reageren op hetzelfde gedrag, hoe voorspelbaarder je wordt en hoe veiliger je aanvoelt voor je kind.

Duidelijkheid en voorspelbaarheid zorgen samen voor een veilige omgeving om in op te groeien voor een kind. En hoe veiliger een kind zich voelt, hoe meer het in een staat van rust is. Hoe meer het in staat van rust is, hoe meer er rustig alleen kan worden gespeeld, er kan gelachen worden, plezier gemaakt en hoe meer kusjes en knuffels er in het rond kunnen worden gestrooid.

2. Sta in je kracht, geef grenzen

Sta als je ouder in je kracht. Grenzen aangeven is zowat het mooiste wat je je kind kan doen. Want ook grenzen zorgen voor veiligheid. En veiligheid bieden is een van onze belangrijkste taken als ouder. Grenzeloosheid zorgt ervoor dat kinderen zich verloren voelen omdat ze werkelijk alles zelf moeten uitzoeken. Ze krijgen bij wijze het gewicht van de wereld op hun schouders. En dit is nog veel te zwaar voor die kleine onvolgroeide hersentjes van hen.

Een belangrijk voorwaarde opdat de grenzen helpend zijn is dat deze op een respectvolle manier worden aangegeven. De leefregel wordt op een rustige en gecontroleerde manier benoemd. Grenzen aangeven kan nooit gepaard gaan met vernedering, verwijten, bang maken, schuld of schaamte. (Dit is mijns inziens een van de redenen waarom het idee om niet te straffen en te belonen zoveel aanhang kent. De manier waarop wij in het verleden zelf gestraft werden ging immers bijna altijd gepaard met een energie van vernedering en angst.)

Maar als ouder is het van alle belang om duidelijk jouw grenzen aan te geven. Vanuit controle en beheersing, dus voordat je potje overkookt. Wanneer je voelt dat iets jou irriteert of stilaan boos maakt is het heel belangrijk om een grens aan te geven. Dit voorkomt dat je in een later stadium staat te gillen of de controle verliest over wat je zegt of doet. Tijdig duidelijke grenzen aangeven zorgt voor een veilig kader voor je kind waarin het alle ruimte voelt om vrij te spelen en te experimenteren en in rust en verbinding te zijn met jou en alle anderen om zich heen.

3. Benoem het gedrag dat je graag nog meer ziet

Benoem het gedrag van je kind in objectieve bewoordingen; dit wil zeggen zonder waardeoordeel. Wanneer je als een reporter louter vertelt wat je ziet gebeuren bij je kind voelt je kind zich gezien, wat heel belangrijk is voor een gezond zelfbeeld en het zelfvertrouwen van je kind. Wanneer de kinderen zich bijvoorbeeld snel aankleden om zo voor jou beneden te zijn en de tafel al te dekken, mag dit gerust benoemd worden. Graag zelfs. Dit kan in woorden zoals ‘Ik zag hoe jij echt je best deed om je snel aan te kleden om zo de tafel te dekken voor we met zijn allen beneden waren.’ Verder is het helemaal ok om te vertellen wat het met jou doet. ‘Daar word ik helemaal blij van.’ of ‘Dat vind ik een heerlijke start van de dag.’

Zolang je ook in je bewoording aangeeft dat het iets is wat bij jou hoort in plaats van een score zoals ‘Goed zo.’ ‘Fijn’. Die woorden zijn niet alleen nogal hol en weinig zeggend, ze brengen het kind ook weg van zijn of haar eigen beleving. Niets zo fijn voor je kind om te weten wat zijn of haar gedrag met anderen doet. De kans dat je kind het gedrag dat jij prettig vindt weer zal stellen is ontzettend groot. Niet om zich in een keurslijf te dwingen of een zo goed mogelijk ‘rapport’ te halen bij zijn of haar ouders, maar wel omdat het goed wil doen… voor zichzelf en de anderen om zich heen. Daar kan je echt van op aan.

 


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.