Straffen en belonen

Gepubliceerd op 26 april 2020 om 11:19

 

Het idee om niet te straffen en te belonen kent heel wat aanhang. Een prachtig ideeëngoed waar ik helemaal achter sta. Echter, als mamacoach zie ik te veel moeders (en vaders) die hier aan onderdoor gaan. Niet straffen is helemaal prima zolang er duidelijke grenzen worden gegeven. Niet (voortdurend) belonen is aangeraden omdat je zo de intrinsieke motivatie ondermijnt. Maar mag je dan geen ‘nee’ meer zeggen tegen je kinderen? Of mag je dan helemaal geen complimenten meer geven?  Zeker wel. Graag zelfs!

 

In eerdere artikels zette ik de geschiedenis van de ouderlijke macht uitgebreid uiteen. Waar opvoeden voor de oorlog was gebaseerd op onmiddellijke gehoorzaamheid en angst volgde er een tegenbeweging waarin het kind centraal werd gezet met al zijn behoeften en wensen. Het eerste had als nadeel voor het kind dat het weinig contact heeft met wat het zelf wil en voelt met stress-gerelateerde ziektes als gevolg. De ouder op zijn beurt stoelt zijn of haar gezag op angst, waardoor er weinig ruimte is voor liefdevolle verbinding met zijn of haar kind.

Bij de permissieve opvoeding wordt het kind weinig of niet begrensd. Het kind krijgt te veel verantwoordelijkheid voor zijn of haar kleine kinderhersenen; hij of zij moet immers zo wat alles zelf uitzoeken. Dit kan desastreuze gevolgen hebben voor het welzijn van het kind. Ook is de kans heel groot dat de ouders er aan onder door gaan omdat het kind steeds veeleisender kan worden (door gebrek aan duidelijkheid) en ouders het in feite nooit goed genoeg kunnen doen.

Straffen

Hoe zit het dan met straffen? Straffen in de zin van kinderen bang bedreigen (klassiek door het wegnemen van beloningen zoals snoep of tv-scherm) of simpelweg bang te maken, te vernederen, te kleineren, te isoleren, … is allesbehalve aan te raden. Dit omdat dit alles heel wat negatieve effecten heeft voor het zelfbeeld, het zelfvertrouwen en de ontwikkeling van het kind. Ook de relatie tussen ouder en kind wordt volledig ondermijnd door deze strategieën van machtsuitoefening.

Echter, het is van het grootste belang om grenzen te stellen. Een van onze belangrijkste taken als ouder is om te zorgen voor veiligheid. Dit doe je enerzijds door het nalaten van trucjes zoals het bang maken van je kind om het te laten doen wat je wil dat het doet, anderzijds door duidelijkheid en voorspelbaarheid te geven. Eenduidige communicatie die op een rustige en respectvolle manier aangeeft wat de leefregels zijn is van levensbelang voor de rust en het welzijn van het hele gezin. En wanneer het positief verwoorden van de leefregels niet volstaat is het helemaal ok om er logische consequenties aan te koppelen.

Logische consequenties zijn zoals het woord zelf zegt altijd logisch en dus rechtstreeks verbonden met de actie (en het afnemen van snoep of schermtijd is zelden of nooit logisch) en op voorhand aangekondigd zodat het kind de kans krijgt om zijn of haar gedrag bij te stellen alvorens de consequentie volgt.

Belonen

Hoe zit het dan met belonen? Je kind steeds overspoelen met ‘Hoera’s’, ‘Bravo’s’ en ‘Goed zo’s’ is nefast voor de ontwikkeling van je kind. Niet alleen zeggen deze vormen van applaus heel weinig over wat het kind precies zo goed gedaan heeft, het ondermijnt ook de intrinsieke motivatie.

Immers, kinderen willen groot worden, groeien en volwassen worden. De beloning zit in het verwerven van een vaardigheid die hen groter, sterker, volwassener maakt en meer controle geeft over hun leven. Wanneer ouders voortdurend klaar staan met snoep, applaus of ander vormen van beloning wordt deze intrinsieke motivatie letterlijk en figuurlijk overroepen. En wanneer kinderen die intrinsieke motivatie niet meer voelen worden ze afhankelijk van externe beloningen om iets te  bereiken op latere leeftijd. Wanneer die beloningen vanuit de omgeving uit blijven kunnen depressie en een algemeen gevoel van falen om de hoek liggen. 

Mag je dan geen complimenten geven? Zeker wel! Complimenten doen groeien. Het geeft de boodschap dat je kind belangrijk genoeg is om opgemerkt, gezien en gehoord te worden. Voorwaarde is dat je heel concreet zegt wat je precies apprecieert in het gedrag en zonder oordeel. ‘Ik zag hoe jij zonder dralen je kleren uit deed, netjes aan de kapstok hing en je tanden poetste zonder dat ik iets had gevraagd.’ Het is objectief waar, je merkt het op,  maar geeft geen ‘score’. En als je het wel doet, moet je het ook zo benoemen. Bijvoorbeeld: ‘Dat noem ik nogal eens discipline’. Vertellen wat het met je doet kan nooit kwaad , integendeel zelfs, zolang je het ook duidelijk verwoordt als iets van jou zoals bijvoorbeeld ‘Daar word ik helemaal blij.’

 


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.